Boerenbruiloft

Datum N.t.b
Kaartverkoop Gratis toegang
Aanvang
N.t.b
Locatie Diverse – zie beschrijving

Op maandag met karnaval wordt de boerenbruiloft gevierd in Döllekesgat.

N.t.b                        Vrouwencafé               –

N.t.b                        Mannencafé                –

N.t.b                        Ceremonie                  –

N.t.b                       Receptie + feest           –

Ontstaan boerenbruiloftraditie
Hoe de boerenbruiloft in Nederland is ontstaan, daar lopen de meningen over uiteen. De meest aannemelijke versie is de volgende: rond 1800 werd de Vastenavond in Nederland, en dan met name in Limburg en Brabant, volop gevierd. Omdat de meeste boeren het in deze tijd niet zo breed hadden, werd er door de boerenbevolking naar een manier gezocht om toch reden tot vreugde en plezier en tot het houden van een feest te hebben.

Deze manier werd gevonden in het houden van een huwelijk, een ‘boerenhuwelijk’ wel te verstaan, voorafgaand aan een lange periode van vasten, een periode waarin ze het toch al extra moeilijk en zwaar zouden krijgen. Op deze manier konden ze het aangename en het noodzakelijke met elkaar verenigen. Deze boerenbruiloftsfeesten waren ook vroeger al de meest gezellige feesten. De boerenbruiloft is dus eigenlijk geboren uit pure armoede en door de jaren heen weer opgepakt als een vast onderdeel van de huidige Vastenavond, oftewel de Karnaval.

De georganiseerde boerenbruiloft heeft waarschijnlijk zijn oorsprong in Limburg gevonden. In 1912 werd er in Venlo voor het eerst officieel melding gemaakt van een boerenbruiloft die toen werd georganiseerd door de plaatselijke Karnavalsvereniging ‘Jocus’, een zeer oude vereniging die werd opgericht in 1842 en nu nog steeds de grootste karnavalsvereniging van Venlo is. Na de tweede wereldoorlog heeft de georganiseerde boerenbruiloft in Nederland een grote opmars gemaakt en vindt er in tal van steden jaarlijks tijdens de Karnaval een boerenbruiloft plaats.

Kleding
In Döllekesgat wordt de boerenbruiloft gevierd alsof het een echte boerenbruiloft is uit 1900/1930. Een boerenkostuum zag er voor de mannen destijds als volgt uit: een zwarte broek, boerenkiel, boerenpet, en eventueel rode zakdoek. Als schoeisel werden vaak klompen gedragen. De vrouwen droegen lange donkere rokken of jurken met eventueel een schort en klompen of zwarte schoenen. Op het hoofd droegen vrouwen vaak mutsjes. Op jonge leeftijd was dit een zwart mutsje. Zogenoemde ‘werkmutsen’ waren vaak wit.

Het losschieten is een speciale gelegenheid. Dan wordt de zondagse kledij uit de kast gehaald. De man in zijn zondags pak met brede stropdas en zwarte schoenen. De vrouw een zondagse jurk met omslagdoek. Dit keer zonder schort en met een ander mutsje.

Tijdens de bruiloft dragen de bezoekers ook hun zondagse kledij. De bruid en bruidegom pakken groots uit. Volgens de traditie van Döllekesgat draagt de bruidegom zijn feestpak: een zwart kostuum met gesneden slipjas, een wit overhemd met vadermoordenaar (hoge losse kraag met opstaande punten), een plastron (een brede das) in zwart of grijs en een zwarte pet en zwarte schoenen.

De bruid draagt een hooggesloten zwarte blouse met lange pofmouwen waarvan het kraagje is afgezet met wit kant. Een zwarte rok die tot de enkels reik met daaronder zwarte kousen en zwarte schoenen. Op haar hoofd draagt ze een zwarte ondermuts, daar overheen een kanten muts en daar bovenop een bloemenkrans, ofwel de poffer.

De poffer kwam destijds voor in alle vormen en maten. Het was een statussymbool, maar gaf ook verschillende levensfases weer. Zo droegen jonge pasgetrouwde vrouwen en bruidjes een poffer met kunstbloemen. Oudere dames droegen in plaats daarvan appels of peren gevormd door zijde of knopjes. De poffer is niet gemakkelijk te dragen. Het werd dan ook alleen opgezet bij speciale gelegenheden, zoals officiële feesten of een uitvaart.

Met een mooie poffer viel de bruid op in positieve zin. Hoe groter en sierlijker de poffer, hoe rijker de boer. Uiteraard is dit een voorbeeld van hoe men zich kan kleden. Iedereen is vrij om variaties aan te brengen in uniformen, pater cq. zusterkleding, of wat je te binnen schiet!